0
Breedband

Huawei: van Smart City tot Future Society

donderdag 10 september 2015 | 14:52 CET | Achtergronden

Huawei ontwikkelt producten en diensten voor smart cities, zowel op het gebied van connectiviteit als diensten. Via projecten met diverse gemeenten en bedrijven wordt er gewerkt aan dingen die nu haalbaar zijn, maar ook gaan dienen als bouwstenen voor de toekomst. De route er naartoe is een marathon.

Huawei heeft in Nederland ca. 650 medewerkers. Het Chinese bedrijf levert netwerkapparatuur en -diensten aan telecomoperators, maar ook aan grote bedrijven. In de ontwikkeling van de apparatuur en diensten zijn er vier lagen binnen het smart city portfolio te onderscheiden, vertelt Jurjen Veldhuizen, marketing manager bij Huawei.

IoT in vier lagen

De eerste laag is “ubiquitous infrastructure”, de combinatie van vaste en mobiele netwerken en apparatuur. Deels is die infrastructuur al aanwezig, in de vorm van mobiele en vaste netwerken, maar er komen ook netwerken bij.

Halverwege 2016 verwacht Huawei de eerste commerciële toepassing van LTE-M (voor machine-to-machine). Het aantal cellen en access points zal de komende jaren uiteraard nog sterk groeien, op de uitrol van “4.5G”(nog niet de officiële naam).

De tweede laag is de sensoren en Internet-of-Things hardware. Die laag krijgt grote aantallen connected devices, in de miljarden. Sommige schattingen gaan uit van honderd apparaten in een gemiddeld huishouden, die in principe verbonden kunnen worden.

Huawei begeeft zich niet inde markt voor sensoren en controllers zelf, maar in de connectiviteit via (netwerk en modemtechnologie) daarvoor. Het heeft een operating system geschreven voor M2M toepassingen, LiteOS, dat met 10 KB klein genoeg is om overal in embedded te worden.

Het bedrijf gaat  samenwerkingen aan voor de toepassingen. Bijvoorbeeld met Philips Lighting voor de ontwikkeling van verlichting voor kantoren en publieke ruimtes. Via draadloze connectiviteit is de sterkte en kleur van armaturen volledig op afstand regelbaar.

De onderliggende technologie hiervoor is Light over Ethernet, met led lampen die zuinig genoeg zijn om stroom te krijgen via een ethernetkabel. In een armatuur kan ook een access point voor WiFi of Bluetooth worden opgenomen.

Huawei kondigde onlangs een samenwerking aan met KPN, TNO, Economic Board Groningen Groningen en Ericsson. In Loppersum in het noorden van de provincie komt een testfaciliteit voor 5G voor de ontwikkeling van IoT apparatuur en andere breedbandige mobiele diensten.

De derde laag is de cloudinfrastructuur. Huawei ontwikkelt een eigen IT productportfolio, van grote datacenters tot kleinere knooppunten voor klanten. Daarop draait een op OpenStack gebaseerd cloud OS. Huawei ontwikkelt dat deels zelf en deels met partners, zoals SAP HANA. De vierde laag is de laag met alle M2M applicaties, die in de cloud draaien. Dat is voor iedere toepassing anders.

Publieke ruimte

Ook ontwikkelt Huawei apparatuur voor Connected Society. Er is een lijn van TETRA en LTE portofoons voor politie en hulpdiensten. De portofoons zijn voorzien van een videoscherm waarop beelden kunnen worden getoond. Videosurveillance in openbare ruimte (public safety) is een belangrijke markt.

Huawei heeft in de Amsterdam ArenA 700 WiFi access points geplaatst. Ze hangen aan het dak en zijn uitgerust met directionele antennes, waar ze hun signaal naar beneden sturen naar een afgebakend deel van de tribunes. Dat netwerk is de basis voor de beschikbaarheid van connectiviteit, maar ook voor nieuwe diensten.

Een van de ideeën is dat bezoekers een feed van de vaste camera’s in het stadion kunnen oppikken voor een selfie. Die selfie wordt dus niet gemaakt met een smartphone, maar met een camera en dan naar de gebruiker gestuurd.

De samenwerking met Amsterdam is nu nog alleen in de ArenA, maar er wordt nadrukkelijk ook gekeken naar het uitgaansgebied er omheen.

Gemeenten

De business case voor Smart City bestaat uit een optelsom van kleinere cases. Die benadering kiest Huawei ook met samenwerkingen. Huawei heeft Smart City overeenkomsten met Amsterdam en Amstelveen, Tilburg, Den Haag en Groningen. Dat is een proces van kleine stappen, vertelt Veldhuizen, die gemeenten adviseert.

Een gemeente heeft tijd nodig om te realiseren dat ze al glasvezel hebben liggen. Dat is aangelegd voor één doel, bijvoorbeeld een aantal surveillance camera’s.

Vervolgens is het een stapsgewijs proces om in kaart te brengen waar het glasvezel ligt, hoe het wordt gebruikt en bewust te maken dat er overcapaciteit in zit die niet benut wordt.

Bijvoorbeeld omdat de toepassing maar drie van de achttien vezels nodig heeft. En te kijken wat er meer mogelijk is. Afvalmanagement bijvoorbeeld, of veiligheid.

Hij laat een LTE module zien die kan worden ingebouwd in stadsbussen of trams. Een tram is maar één keer per dag connected. Zodra hij in de remise staat, begint hij over WiFi gegevens uit te wisselen. Veel materieel in het OV is voorzien van camerasystemen, maar dan met een harddisk. Om die beelden terug te kijken, moet eerst de drive worden verwisseld.

In Amsterdam is het vaak zo dat als er ergens op straat iets is, de tram er ook niet langs kan. Een camera op de voorkant van de tram kan ook nuttig blijken.

Een andere business case is te vinden in het vervangen van straatverlichting. De vervanging van legacy infrastructuur is een plek waar de nieuwe apparatuur zich ook moet gaan bewijzen. Via publiek-private overeenkomsten zou straatmeubilair een bron van inkomsten kunnen worden, vergelijkbaar met bushokjes met reclame.

Future Digital Society

“Het IoT concept is op zich niet nieuw, maar al vijf tot tien jaar oud. Het verschil is dat nu de technologie zich razendsnel ontwikkelt, waardoor we de ideeën en concepten uit die visie nu kunnen realiseren”, zegt Wonder Wang, CEO van Huawei Nederland.

De afgelopen dertig jaar zijn er al enkele grote transities geweest, zoals de overgang van analoge netwerken naar IP, de opkomst van internet en de smartphone.

Hij omschrijft de ontwikkelingen als de Future Digital Society waarin internet niet alleen door mensen gebruikt wordt maar ook door machines. In de komende decennia is er een rol voor Internet-of-Things en M2M, 4.5G en 5G, die de aanjager worden van nieuwe innovatie.

De uitgangspunten in Nederland zijn goed, met goede vaste en mobiele netwerken en een actieve industrie. Wang vertelt dat er een synchronisatie nodig is tussen consument, bedrijfsleven en overheid.

Twee fasen

De industrie ziet kansen, maar de ontwikkeling van de technologie alleen is niet genoeg, verwacht hij. In de eerste fase zal vooral het bedrijfsleven investeren in kleine stappen met een directe return-on-investment. Het vervangen van verlichting is een voorbeeld.

De consument gaat minder snel mee. “Het staat vast dat de consument voorlopig niet meer zal willen betalen dan hij nu doet. In de tweede fase ontstaat een kantelpunt waar consument en industrie vraag gaan creëren en hun gedrag en bestedingen veranderen, voor autonoom rijden bijvoorbeeld.

Dat vraagt daarom ook om een sturende rol van de overheid. De Nederlandse regering is bezig, denkt na over een high level agenda voor deze ontwikkelingen. Gemeenten zijn actief en proactief bezig. Het kost alleen heel veel tijd.

Een voorbeeld is open data. De Nederlandse overheid wil met publieke middelen verzamelde gegevens als open data beschikbaar stellen, zodat er diensten mee kunnen worden ontwikkeld. Te vaak gaat het dan nog om historische reeksen, zoals weermetingen. Gemeenten investeren niet genoeg in het verzamelen van data, stelt Wang. “Je moet datacollectie moderniseren, maar ook openstellen. Historische data is een goede start, maar niet genoeg.”

“Het gaat de goede kant op, al is ook dat een langdurig proces.” Wang stelt dat Nederland een pioniersrol in Europa zou kunnen vervullen en dat het voorzitterschap in de eerste helft van 2016 een kans is om ontwikkelingen op de agenda te zetten.



tp:vandaag

Elke werkdag rond 10.00 uur verstuurt Telecompaper de gratis "tp:vandaag".

Meld u nu aan

Categorie├źn:
Landen:
::: voeg een reactie toe