
Digitalisering staat in de verkiezingsprogramma’s van 2025 eindelijk hoog op de politieke agenda, met ambities rond AI, cyberweerbaarheid, digitale autonomie en het beteugelen van Big Tech. Toch blijft het fundament – glasvezel, 5G, kabel en telecomnetwerken – onderbelicht. Terwijl juist daar nieuwe investeringen nodig zijn om digitale ‘datacongestie’ te voorkomen. Lichtpuntjes zijn er in de voorstellen voor deregulering, die het investeringsklimaat kunnen verbeteren. Het Digitale Debat op 13 oktober is hét moment voor kandidaat-Kamerleden om ook kleur te bekennen over de randvoorwaarden voor investeringen in onze digitale netwerken, aldus Mathieu Andriessen, directeur bij NLconnect.
Waar digitalisering tot voor kort een bijzaak was in verkiezingsprogramma’s, staat het in 2025 voor het eerst stevig op de politieke agenda. Partijen willen investeren in cybersecurity, digitale weerbaarheid en in versterking van de Europese digitale autonomie. Den Haag ziet de kansen en risico’s van kunstmatige intelligentie en zet in op investeringen in nationale en Europese AI. Er wordt gepleit voor strenger optreden tegen online fraude, deepfakes en schadelijke content en voor het beteugelen van Big Tech-platforms. De politiek is door de bank genomen kritisch op voorstellen rond ChatControl en wil digitale vaardigheden en mediawijsheid in het onderwijs versterken.
Digitale infra: meer dan cloud, datacenters en zeekabels
Ook de infrastructuur die digitalisering mogelijk maakt krijgt de nodige aandacht, zij het eenzijdig. Met name cloudsoevereiniteit is bij veel partijen een belangrijk thema. Verschillende partijen pleiten voor een Europese of autonome cloud, waarmee afhankelijkheden worden verkleind. Bij datacenters ligt de nadruk vooral op de negatieve kanten zoals energie- en watergebruik, terwijl er nauwelijks erkenning is dat datacenters óók essentieel zijn als knooppunten van de digitale infrastructuur. Opvallend, want hoe kom je anders aan een soevereine cloud in Nederland?
Zeekabels zijn eveneens een thema: die moeten beveiligd worden en er zijn nieuwe internationale verbindingen nodig. Wat echter onderbelicht blijft, zijn de internetverbindingen binnen Nederland.

Telecomnetwerken zijn vitale infrastructuur
Glasvezel, kabel, 5G en straks 6G zijn het fundament van de digitale samenleving, maar slechts een handjevol partijen heeft dat scherp. Zo wil Volt ‘toewerken naar snel, veilig en betrouwbaar internet voor iedereen’ en moeten volgens BBB ‘glasvezel en mobiel internet in Nederland beschikbaar en betrouwbaar zijn’. De SP vindt dat internet ‘voor iedereen beschikbaar en betaalbaar moet zijn’ en FvD wil ‘zorgen voor supersnel glasvezelinternet in het hele land’.
Het goede nieuws voor deze partijen is dat Nederland al beschikt over digitale telecomnetwerken van wereldklasse: vitale netwerken, gefinancierd met privaat kapitaal. We hebben de beste mobiele netwerken van de wereld en behoren ook tot de kopgroep in glasvezel- en Gigabitdekking. En Nederland heeft in EU-perspectief gemiddelde internetprijzen. Dat is niet alleen goed voor ons vestigingsklimaat; deze infrastructuur is een keiharde randvoorwaarde voor een concurrerende en toekomstbestendige digitale economie.
Nieuwe investeringen voorkomen datacongestie
Dat onze telecomnetwerken van wereldklasse blijven is echter geen statisch gegeven: wereldkampioen worden is makkelijker dan wereldkampioen blijven. Weerbaarheid, cyberdreigingen, klimaatverandering en technologische ontwikkelingen zoals AI en crypto leggen de lat steeds hoger. De explosieve groei van datastromen via AI, sensortechnologie en cloud vergroten de eisen aan telecomnetwerken en ook innovaties als 6G, quantum en fotonica vragen om vernieuwingen in netwerkinfrastructuur. Om dat het hoofd te bieden zijn forse nieuwe private investeringen nodig. Zonder een permanente stroom aan investeringen dreigt Nederland in digitale ‘datacongestie’ terecht te komen, net zoals we nu zien bij de energie-infrastructuur. Alleen VVD en NSC erkennen dat deels. NSC zegt ‘zorg te dragen voor de aanleg en het onderhoud van onze digitale infrastructuur’ en de VVD wil ‘investeringen in onze (data-)infrastructuur’. Maar nergens wordt dat concreet met maatregelen.
Randvoorwaarden voor een gezond investeringsklimaat
NLconnect zette eerder de randvoorwaarden voor private investeringen al op een rij: een beter investeringsklimaat voor digitale connectiviteit, een voorspelbaar en geharmoniseerd spectrumbeleid en deregulering.
In de verkiezingsprogramma’s zien we daarvan vooral deregulering terug. CDA heeft minder regels nadrukkelijk als prioriteit benoemd. VVD pleit ervoor dat alle departementen wet- en regelgeving schrappen. JA21 stelt voor om nationale koppen op Europese regels af te schaffen en wil een minister voor Overheidsefficiëntie en Autonomie met harde reductiedoelen die de stofkam door regels haalt. Ook ChristenUnie benadrukt vereenvoudiging en minder regels en de SGP pleit voor een ‘schraplijst voor Europese regels die averechts werken’. Dat zijn lichtpuntjes die het investeringsklimaat voor digitale netwerken daadwerkelijk vooruit kunnen helpen.
De echte test komt straks. Een nieuw kabinet moet de ambitie hebben dat onze telecomnetwerken van wereldklasse blijven. Die ambitie hoort in het regeerakkoord te worden vastgelegd. Vervolgens is het zaak dat ook de randvoorwaarden, dus naast deregulering ook een beter investeringsklimaat en voorspelbaar, geharmoniseerd spectrumbeleid, concreet worden uitgewerkt in beleid. NLconnect zal niet schromen om daartoe suggesties te blijven doen.
Minister van Digitale Zaken?
Tot slot valt op dat enkele partijen pleiten voor een minister van Digitale Zaken, waaronder GroenLinks-PvdA, SP en Volt. D66 spreekt van een minister voor Technologie en Innovatie. Op zich een sympathieke gedachte, maar het zou geen semantische discussie moeten zijn over titels. Digitalisering raakt álle departementen in de kern: Onderwijs, Defensie, Financiën, Justitie en Veiligheid, BZK, noem maar op. Eén minister kan daarvoor nooit alleen verantwoordelijk zijn. Belangrijk is dat de digitale infrastructuur – als groeimotor van productiviteit en innovatie – stevig onder Economische Zaken blijft vallen, ongeacht de titel van de minister aldaar.
Aanloop naar het Digitale Debat
Dit blog is geschreven in aanloop naar het Digitale Debat op 13 oktober, waar kandidaat-Kamerleden met elkaar in gesprek gaan over de grote digitale vraagstukken van nu en morgen. Ik hoop dat ook de rol van telecomnetwerken, als fundament onder alle digitale ambities, nadrukkelijk aan bod komt.
Wie zich verder wil verdiepen in de standpunten van partijen kan terecht bij onafhankelijke initiatieven zoals NerdVote en de NerdWijzer, die digitale thema’s in verkiezingstijd inzichtelijk maken.